Precies tien jaar geleden, op 25 januari 2011, stroomde het Tahrirplein in de Egyptische hoofdstad Caïro vol met demonstranten die het aftreden van toenmalig president Hosni Mubarak eisten - met succes. Maar is de situatie van de Egyptenaren sindsdien verbeterd?

Toen Mubarak op dag achttien van de demonstraties zijn aftreden aankondigde via zijn vicepresident, barstte de menigte op het Tahrirplein in gejuich uit. "De mensen hebben het regime ten val gebracht", werd er geschreeuwd. Het leek erop dat een van de revoluties van de Arabische Lente een goede afloop kreeg.

Tien jaar later is de sfeer in Egypte echter omgeslagen. De drie voornaamste eisen van de honderdduizenden demonstranten (vrijheid, sociale rechtvaardigheid en betere economische omstandigheden) zijn niet ingewilligd. Sinds president Abdel Fattah Al Sisi 6,5 jaar geleden aan de macht kwam, is de situatie juist alsmaar verslechterd.

Militaire dictatuur in plaats van democratie

Na de revolutie in 2011 leek het eerst de goede kant op te gaan. Egypte kreeg zijn eerste democratisch gekozen president: Mohamed Morsi van de Moslimbroederschap. Maar er was veel ontevredenheid over zijn beleid, waardoor hij na een jaar werd afgezet door het leger. Een transitie naar een democratisch systeem bleef uit. Toen president Al Sisi, een voormalige legergeneraal, in juni 2014 aan de macht kwam, veranderde Egypte in een militaire dictatuur.

De huidige situatie is volgens verschillende onderzoekers en mensenrechtenactivisten niet te vergelijken met het Egypte van Mubarak. Onder de oud-president was er nog enige ruimte voor oppositie, maar daar is nu weinig meer van over.

Ergste mensenrechtencrisis in tientallen jaren

Volgens mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch ervaart Egypte de "ergste mensenrechtencrisis in tientallen jaren". In het jaarlijkse wereldrapport van de organisatie staat dat de Egyptische autoriteiten in 2020 de repressie van regeringscritici en gewone burgers opvoerden. Daardoor is er vrijwel geen ruimte meer voor vrijheid van meningsuiting en vrijheid van vereniging.

Egypte telt tienduizenden politieke gevangenen, onder wie journalisten, wetenschappers, schrijvers, mensenrechtenactivisten en zelfs kinderen. Zij krijgen te maken met mensenrechtenschendingen zoals marteling, gedwongen verdwijningen en willekeurige arrestaties.

Een veelgebruikte tactiek om een eerlijk proces te omzeilen, is het verlengen van het voorarrest, zodat politieke gevangenen geen eerlijk proces krijgen. Volgens de Egyptische wet mag dat maximaal twee jaar, maar die termijn wordt regelmatig overschreden. Verder was 2020 een recordjaar wat betreft het aantal uitgevoerde executies in Egypte. In oktober werden er 53 mensen gedood. Dat waren er meer dan gemiddeld in de jaren daarvoor.

De afgelopen jaren treedt de staat hard op tegen medewerkers van niet-gouvernementele organisaties. In een rapport van Human Rights Watch schrijft Said Boumedouha, adjunct-directeur van het Midden-Oosten en Noord-Afrika-programma, dat "het maatschappelijke middenveld in Egypte wordt behandeld als een vijand van de staat, in plaats van als een partner voor hervorming en progressie". Medewerkers worden gearresteerd, worden veroordeeld, krijgen reisverboden opgelegd, of hun financiën worden bevroren.

Verslechterde economische situatie

Ook de betere economische omstandigheden zijn er niet gekomen. Volgens het Egyptische statistiekbureau CAPMAS leeft nu een derde van de bevolking onder de armoedegrens. Dat zijn zo'n 30 tot 33 miljoen mensen.

Ook is de koopkracht flink gedaald door een maatregel van het internationaal monetair fonds (IMF) om de Egyptische economie te hervormen: het Egyptische pond werd losgekoppeld van de Amerikaanse dollar, waardoor het kon 'zweven'. Tegelijkertijd gingen de energiesubsidies omlaag, en de elektriciteitsrekeningen en prijzen voor vervoer en voedsel omhoog. Dat betekent dat de lasten van met name de armste mensen de afgelopen jaren zijn toegenomen.

Een groot deel van de economie is inmiddels in handen van het leger. Er worden miljarden gestoken in grote overheidsprojecten, zoals de bouw van een nieuwe administratieve hoofdstad net buiten Caïro.

In 2019 braken er zeldzame protesten uit nadat Mohamed Ali, een voormalige aannemer van het leger en acteur, vanuit zelfverkozen ballingschap YouTube-video's publiceerde waarin hij grootschalige corruptie aankaartte. De inspanningen van Ali en de betogers mochten echter niet baten: veranderen deed het systeem geenszins.