Renault heeft zondag na afloop van de Grand Prix van Stiermarken een protest ingediend tegen Racing Point. De auto's van dat team zouden mogelijk niet aan het technisch reglement voldoen.

Sergio Pérez werd zesde op de Red Bull Ring, vlak voor zijn teamgenoot Lance Stroll. Renault-coureur Daniel Ricciardo eindigde kort achter de twee auto's van Racing Point op de achtste plek.

"We vragen de FIA om duidelijkheid of de auto van Racing Point aan de reglementen voldoet", meldt Renault in een korte verklaring. "Verder onthouden we ons van commentaar tot de stewards een beslissing nemen."

Racing Point wordt dit seizoen ook wel 'de roze Mercedessen' genoemd. Het team heeft de beschikking over een krachtbron van het Duitse team en bovendien zijn er veel aerodynamische gelijkenissen met de kampioensauto van Mercedes uit 2019.

Hoewel het niet ongebruikelijk is voor kleinere Formule 1-teams om onderdelen in te kopen bij topteams, is het volgens de reglementen verplicht dat het ontwerp van de auto door de renstallen zelf gemaakt wordt.

Vorig jaar protesteerde Racing Point nog tegen Renault

Nog voordat het protest van Renault werd ingediend, spraken Stroll en Pérez lovende woorden over hun auto. De Mexicaan reed in Oostenrijk van de zeventiende startplek nog bijna naar de vierde plek en de Canadees zei dat zijn team "misschien wel de op een na beste auto" heeft.

Vorig jaar diende Racing Point bij de GP van Japan juist nog met succes een protest in tegen Renault. De zesde plaats van Ricciardo en de tiende plaats van Nico Hülkenberg werden toen geschrapt, omdat het Franse team een illegaal remsysteem had gebruikt.

Vorig jaar duurde het tien dagen voordat de FIA een vonnis velde over het protest. De verwachting is dan ook dat er zondag nog geen uitspraak komt over het huidige protest van Renault.