FC Barcelona heeft tussen 1990 en 2016 onrechtmatig een belastingvoordeel genoten, zo oordeelde het Hof van Justitie van de Europese Unie donderdag. Dat betekent dat de Catalanen de Spaanse fiscus toch moeten terugbetalen na een eerder succesvol hoger beroep bij het Gerecht.

De Europese Commissie (EC) vroeg de Spaanse fiscus in 2016 om extra belasting bij Barcelona, Real Madrid, Athletic Club en Osasuna te innen, omdat die clubs 26 jaar minder geld betaalden. Ze profiteerden van een wet uit 1990, waarbij sportclubs met een positieve balans in voorgaande jaren een belastingvoordeel krijgen.

FC Barcelona was het niet eens met het besluit van de EC en besloot in beroep te gaan bij het Gerecht van de Europese Unie. Die stelde dat de vermeende onterechte belastingvoordelen niet goed waren vastgesteld in het dossier en koos de kant van Barcelona.

De EC liet het daar niet bij zitten en ging in beroep bij het Hof, dat donderdag oordeelde dat de vier Spaanse clubs inderdaad onrechtmatig minder belasting hoefden te betalen en daarmee staatssteun verkregen. Real Madrid, Athletic Club en Osasuna waren in 2016 niet in beroep gegaan.

Noodlijdend FC Barcelona door uitspraak verder in problemen

De uitspraak van het Hof betekent dat FC Barcelona alsnog die extra belasting moet betalen over de periode 1990-2016. Het is niet duidelijk over hoeveel geld het gaat, maar het moet wel zo snel mogelijk gebeuren. De EC kan financiële sancties opleggen als Barcelona niet of te laat betaalt.

Het verlies in deze zaak is slecht nieuws voor FC Barcelona, dat al in grote financiële problemen verkeert. Eind januari meldden Spaanse media dat de Catalanen een schuld van ruim 1,1 miljard euro hebben.

Het is sowieso onrustig, want maandag werd bij FC Barcelona een inval gedaan in het kader van een onderzoek naar een lastercampagne van oud-voorzitter Josep Maria Bartomeu tegen zijn tegenstanders. Onder anderen Bartomeu werd gearresteerd, maar is op borgtocht vrij.