Netherlands
This article was added by the user Amelia Webb. TheWorldNews is not responsible for the content of the platform.

Zijn er dit voorjaar ineens meer hazen?

N.B. Het kan zijn dat elementen ontbreken aan deze printversie.

Durf te vragen Het gaat niet goed met de haas in Nederland. Toch lijken er in het voorjaar veel te zijn.

Opeens kwam de haas ter sprake. Tijdens een lunchvergadering meldden drie redacteuren van de wetenschapsredactie dat ze onlangs een haas in het vrije veld hadden gezien. Was dat toeval? Of zijn hazen juist deze maanden erg actief?

De website Waarneming.nl krijgt in maart en april de meeste haaswaarnemingen binnen, zo blijkt uit aangeleverde cijfers. Gemeten vanaf 1971 zijn er, cumulatief, respectievelijk 82.513 en 80.835 individuele hazen gespot. Daarna volgen februari en mei, met 55.884 en 55.398 meldingen. Maar mede-oprichter Dylan Verheul geeft een disclaimer. „In maart en april voeren meer mensen een waarneming in.” En het jaarlijks aantal waarnemers is sterk groeiende. Dat maakt cijfers, zowel maand-op-maand als jaar-op-jaar, lastig te vergelijken. Toch doet hij een gooi: misschien dat hazen zich in maart en april meer laten zien in verband met de paartijd?

„Maar dat is juist het rare”, zegt Martijn Weterings, die in 2018 aan de Wageningen Universiteit promoveerde op onderzoek naar de haas. Deze soort heeft een vrij lange paartijd, van januari tot oktober. Weterings vermoedt inderdaad een waarnemerseffect. „Mensen zijn blij dat ze er in het voorjaar weer uit kunnen. Ze komen meer buiten.” Dus nemen de meldingen dan toe. Maar waarom zakken ze dan vanaf mei weer in? Weterings kent weinig artikelen die het hebben onderzocht. Maar hij noemt één studie, van Anthony Holley en Paul Greenwood, die in 1984 in Nature verscheen – de studie kwam vijf jaar geleden ook ter sprake in een AW-rubriek over de haas. Holley had in een weilandgebied in de Somerset Levels meer dan 1.500 uur aan dag- en nachtobservaties verzameld. En hij had 2.000 scherpe foto’s van hazen gemaakt via een sterrenkijker (vergroting meer dan 100 keer). De twee Britten ontdekten dat hazen elkaar helemaal niet alleen in maart woest achtervolgen, zoals de Engelse uitdrukking the mad March hare suggereert. Felle achtervolgingen komen het hele jaar door voor, met uitzondering van september en oktober. Maar tussen november en maart zijn de hazen vaker pas ná zonsondergang actief, en dan zijn ze dus moeilijker te zien. In de zomer wordt hun activiteit niet opgemerkt omdat het gras te hoog staat.

Lees in de rubriek Alledaagse wetenschap: De maartse haas is een Engelse uitvinding

Holley en Greenwood ontdekten ook dat het boksen niet gebeurde tussen mannetjes die vochten om de gunst van vrouwtjes. Bij 17 bestudeerde bokspartijen (boxing bouts) was het steeds een vrouwtje dat een mannetje klappen verkocht – bij de haas zijn vrouwtjes groter en zwaarder dan mannetjes. Met het boksen kan een vrouwtje voorkomen dat in haar vruchtbare periode een niet-gewild mannetje met haar paart. Buiten die periode houdt ze zich zo elk mannetje van het lijf.

Met de haas gaat het overigens niet goed in Nederland, zegt ecoloog Jasja Dekker. Sinds 1950 is de populatiegrootte gestaag met 60 procent afgenomen, schreef hij twee jaar geleden samen met de Zoogdiervereniging in een rapport. „Dit is het beeld in heel West-Europa”, zegt hij. Oorzaak is dat er te weinig jonge haasjes overleven. „Hazen eten graag veel verschillende planten. Het zijn kruideneters.” Maar door de opkomst van de intensieve landbouw hebben kruidenrijke graslanden en gevarieerde akkers plaatsgemaakt voor strakke biljartlakens met alleen Engels raaigras, of akkers die ineens helemaal kaal geploegd worden. Ook het vroeg in het seizoen maaien van het eerste gras, kost veel vroege worpen het leven. Daarnaast spelen jacht, verkeer, ziektes, weer en roofdieren zoals de vos een rol. Hoe al die factoren op elkaar inspelen, is niet bekend.