De coronasteun van het kabinet heeft weinig bedrijven overeind gehouden die anders zouden zijn omgevallen. Dat concluderen twee economen van kredietverzekeraar Atradius in het economenblad ESB, schrijft Het Financieele Dagblad. In het buitenland zijn volgens hen wel veel van deze zogeheten zombiebedrijven gecreëerd.

Vanwege de uitbraak van COVID-19 heeft het kabinet een uitgebreid pakket aan steunmaatregelen ingevoerd om bedrijven overeind te houden. De vrees bestaat echter dat deze steun ook terechtkomt bij bedrijven die eigenlijk geen bestaansrecht meer hebben en alleen door de overheidssteun nog overeind blijven. Dit worden ook wel zombiebedrijven genoemd.

De Atradius-economen John Lorié, tevens onderzoeker aan de Universiteit van Amsterdam, en Iulian Lobica, ook promovendus aan de Vrije Universiteit Amsterdam, hebben onderzocht in hoeverre het steunpakket bedrijven zonder bestaansrecht overeind houdt.

De onderzoekers stelden dat de economische ontwikkeling in Nederland zonder coronasteun in het tweede kwartaal had gezorgd voor een toename van 5 procent van het aantal faillissementen in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar. Maar de stijging was in werkelijkheid slechts 2 procent. Dat is dus 3 procentpunt minder, waardoor de onderzoekers concluderen dat drie op de honderd bedrijven door de coronasteun overeind is gehouden.

In vergelijking met andere landen is dat zeer weinig. Zo zeggen de onderzoekers dat in onder meer Frankrijk, België en Spanje het aantal faillissementen tientallen procenten lager ligt dan in andere jaren.