Syrische overheidstroepen hebben zondag het merendeel van de Aleppo-provincie veroverd op de rebellen, melden staatsmedia.

"In een dag heeft het leger een gebied overgenomen waar ze acht jaar geleden niet eens één dorp konden innemen", meldt het Syrische Observatorium voor Mensenrechten.

De veroveringen komen aan de vooravond van besprekingen tussen Turkije en Rusland. Turkije steunt de Syrische rebellen en Rusland steunt het staatsleger van president Bashar Al Assad.

In de afgelopen twee weken kwamen er dertien Turkse militairen om het leven door het geweld in Syrië, waarna Erdogan dreigde een aanval op Syrische troepen uit te voeren als er nog een Turkse militair gewond zou raken.

Russen gooien bommen op Aleppo

Zondag hebben Russische vliegtuigen bommen laten vallen op plaatsen in Aleppo, die later door Syrische troepen en door Iran gesteunde milities zijn ingenomen.

Tegelijkertijd zijn de door Turkije gesteunde rebellen begonnen met een operatie om door de Syrische regering bezette delen van de provincie Idlib terug te nemen. Idlib ligt naast Aleppo. Volgens de Turkse staatszender Anadolu zijn er honderd voertuigen met ondersteunend personeel en materieel onderweg naar Idlib.

Turkije heeft aan Rusland opgeroepen om een einde te maken aan het geweld en wil dat er een wapenstilstand komt. Hier moet maandag over worden gesproken.