De regering van Suriname stapt over van een vaste wisselkoers ten opzichte van de Amerikaanse dollar naar een zwevende, zo heeft Maurice Roemer van de Centrale Bank van Suriname zaterdag bekend gemaakt. Daarmee wil het land een nieuwe poging doen om de Surinaamse munt te stabiliseren. Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) ziet liever dan Suriname de koers vrij laat.

Een stabiele munt is voor zowel bedrijven als burgers belangrijk omdat het planning en budgettering makkelijker maakt. Vanaf maandag mag de koers zweven tussen de 14,29 en 16,30 Surinaamse dollar (Srd) voor een Amerikaanse dollar. Vijf maanden geleden, enkele maanden na het aantreden van de nieuwe regering onder leiding van Chan Santokhi en Ronnie Brunswijk, werd de koers ook al verhoogd van 7,52 Srd naar bijna een verdubbeling van 14,29 Srd.

Met de keus voor een zwevende koers gaat Suriname in tegen het voorstel van het IMF. De internationale financiële instelling ziet liever dat Suriname de koers vrij laat om de markt haar werk te laten doen. Minister Armand Achaibersing van Financiën is er echter van overtuigd dat het nu gekozen model ook het gewenste resultaat zal opleveren. Suriname en het IMF zijn al enkele maanden in onderhandeling over financiële steun van 750 miljoen Amerikaanse dollar voor Suriname.

Nieuwe maatregel moet harde valuta in het land houden

Om de koers echt stabiel te houden, neemt de regering nog enkele maatregelen. Zo worden exporteurs verplicht hun inkomsten in Amerikaanse dollar of euro op een lokale bank in Suriname te storten. Voordeel hiervan is dat er meer vreemde valuta in Suriname blijft. Hierdoor neemt de vraag naar valuta af zodat de Srd-koers stabieler kan blijven. Ook moeten de bedrijven 30 procent van hun valuta omzetten in Srd.

De derde maatregel is dat bedrijven hun aankopen alleen mogen betalen met Amerikaanse dollars of euro's die bij de lokale banken in Suriname op de rekening staan. Ook deze maatregel moet er voor zorgen dat er meer dollars en euro's in Suriname blijven waardoor de koers stabiel kan blijven of zelfs lager kan worden.

Op termijn hoopt het land de vruchten te plukken van de olie- en gasvondsten voor de kust. Suriname was in 2020 na Rusland de plek waar de meeste nieuwe voorraden zijn aangeboord. Volgens het wetenschappelijk bureau US Geological Survey (USGS) zitten er in het zogeheten Guyana-Suriname basin ongeveer 13 miljard vaten olie in de grond. In het gebied zijn grote olie- en gasbedrijven zoals ExxonMobil, Petronas en Total actief. Ook Shell meldde zich eind vorig jaar in het gebied.