Netherlands

Kleur als auteur in Huis Marseille

Fotografie Arja Hop en Peter Svenson tonen met hun foto’s de talrijke kleuren van het Nederlandse landschap. Hun werk wordt nu tentoongesteld in fotografiemuseum Huis Marseille.

Ik heb een kleur gekocht, de kleur van een klaproos, een Armeense klaproos om precies te zijn, Papaver bracteatum, die in de zomer van 2015 groeide langs de Gooiseweg in Amsterdam-Oost, zo’n plek waar het rood van dit onkruid nog ongelooflijker is dan in een pittoresk korenveld; de Gooiseweg is immers een autoweg. De rest van het rood dat er te zien is rijdt snel weer voorbij op een Peugeot of Mitsubishi. Misschien stift iemand nog haar lippen achter het stuur als er een file is. Maar in de berm staan in de zomer steevast de klaprozen, zo’n heldere kleur op bloemblaadjes zo dun dat ze eigenlijk helemaal doorzichtig zouden moeten zijn, maar nee, ondoordringbaar, ongenaakbaar lijkt het rood, voor zolang het duurt dan, want dit rood duurt maar iets langer dan dat van een passerende auto; één klaproosroos bloeit hooguit een paar dagen.

Kan je heimwee hebben naar een kleur? Ooit moest je bijna een jaar wachten voor je dat klaproosrood weer kon zien. Dat is nu bijna niet meer voor te stellen, zoals het ook onvoorstelbaar is geworden dat je muziek alleen kon horen als die daadwerkelijk gemaakt werd. Sinds anderhalve eeuw leven we in het tijdperk van de reproductie; dankzij de uitvindingen van Niépce, Daguerre, Fox Talbot en andere pioniers kan de klaproos ook in januari bloeien, eerst alleen in zwart-wit, later ook in kleur. Daarvoor waren er wel tekeningen en schilderijen, maar ook al lijken die zo realistisch als de graszode die de Duitse meester Albrecht Dürer in 1503 zo meesterlijk schiep (die graszode is misschien wel het meest ontroerende kunstwerk aller tijden), de band tussen gras en aquarel is toch altijd losser dan als Dürer een foto had kunnen maken (en misschien is die graszode juist daarom zo ontroerend).

Residue: Armeense Klaproos (2015), geplukt aan de Gooiseweg Amsterdam-Oost. Foto Arja Hop en Peter Svenson

De Duitse filosoof Walter Benjamin vroeg zich in 1935 af of een kunstwerk iets van zijn aura verloor in het tijdperk van technische reproduceerbaarheid. Nu kunnen we ons afvragen of dat niet alleen voor kunst maar ook voor de werkelijkheid geldt. Foto en film was in de tijd van Benjamin nog relatief nieuw, maar in het digitale tijdperk is er een haast verstikkende overvloed aan beelden. Van bijna alles heb ik meer reproducties gezien dan realiteit, en zeker meer klaprozen uit de tweede hand dan uit de eerste.

Is er een band te verzinnen die dat aura weer enigszins herstelt? Of is dat voorbij en voorgoed voorbij: nostalgie naar een prefotografisch tijdperk dat niemand meer heeft meegemaakt. Maar men verlangt altijd naar wat niet kan, ook in de kunst, of zoals Benjamin schreef: „Een van de belangrijkste taken van de kunst is altijd het scheppen van een vraag geweest, waaraan pas later volledig kan worden voldaan. De geschiedenis van iedere kunstvorm kent kritische perioden, waarin zo’n kunstvorm uit is op effecten die pas ten volle kunnen worden bereikt bij een veranderde technische standaard, dat wil zeggen in een nieuwe kunstvorm.” Schilderijen wilden foto’s zijn. Wat willen foto’s nu worden?

Kleuren oogsten

Aan het begin van de uitvinding van fotografie was fixatie het probleem; de Engelse pionier Thomas Wedgwood lukte het omstreeks 1800 wel om met zilvernitraat een beeld vast te leggen maar dat werd uiteindelijk altijd zwart; het is hem nooit gelukt zijn foto’s te fixeren. Ruim tweehonderd jaar later, nu iedereen dat wel kan en pixels de dienst uitmaken, maakte de Nederlandse kunstenaar Sema Bekirovic een analoge foto van een sneeuwvlokje die ze juist niet fixeerde. Er hangt een fluwelen gordijn voor. Elke keer dat je het optilt en naar het sneeuwvlokje kijkt, zal de foto verder vervagen. Met dit werk maakte ze van kijken een daad, een die je niet te vaak kunt herhalen. Kijken wordt uitwissen.

Arja Hop (1968) en Peter Svenson (1956) zochten een andere oplossing, die het probleem van de reproductie op een intieme manier kaltstellt. Zij zijn het die de kleuren van de klaproos aan de Gooiseweg verkopen, en van rietgras van de Reguliersgracht, een stokroos uit de Kerkstraat, een Canadese populier uit het Spijtellaantje. Van deze planten namen ze een foto, vanzelfsprekend in zwart-wit. En telkens oogstten ze daarnaast van die plant, die ze ergens in Amsterdam zagen groeien, de kleuren. Hoe het proces precies in zijn werk gaat, blijft een beetje vaag en geheimzinnig, eerder alchemie dan chemie. Fotografiemuseum Huis Marseille, waar ze hun werk nu tentoonstellen, beschrijft het werk van het duo zo: „Ze onttrekken kleurstoffen aan een plant, brengen die rechtstreeks aan op film en drukken deze vervolgens analoog af.”

Het resultaat is een foto van een kleur, gemaakt door die kleur. Kleur als auteur.

273 van deze kleurenfoto’s vormen samen het werk Residue Amsterdam, een muur van kleurvlakken die de wilde vegetatie van Amsterdam weergeeft. Onkruid als juwelen gepresenteerd. Dit werk is verwant met de productie van een ander duo, Nadine Sterk en Lonny van Ryswyck, die als Atelier NL servies maken van aardewerk gewonnen uit lokale klei of glas uit lokaal zand. Nog verwanter met Residue Amsterdam is hun Tilewall, een muur waarop tegels hangen die gebakken zijn van klei afkomstig van alle boerderijen in de Noordoostpolder. Ook binnen zo’n klein gebied levert de klei dankzij de verschillende mineralen in de grond al kleurverschillen op, een weelde aan aards rood, geel en bruin.

Atelier NL ziet in hun lokale producten een manier om duurzaamheid te bevorderen door de band te versterken tussen de mens en de materialen die de aarde voortbrengt. Ook het werk van kunstenaar herman de vries komt in gedachten. Hij maakt al jaren aarduitwrijvingen, vellen papier waarop aarde afkomstig van een bepaalde plek gewreven is. Vaak worden ze ook wandvullend getoond. De titel is altijd de vindplaats. Vorig jaar liet de vries, die zijn naam spelt zonder hoofdletters, schoolkinderen in Noord-Holland aarde verzamelen. De uitwrijvingen daarvan vormen samen een ‘alternatieve atlas’ van de provincie. Ook Annemarie Piscaer en Iris de Kievith maakten een lokaal servies waarvan de kleur door de omgeving is gemaakt: ze verwerken fijnstof geoogst in de IJtunnel of de Piet Heintunnel tot glazuur van hun SerVies.

Zeeaster (2019) Foto Arja Hop en Peter Svenson

Hop en Svenson hebben vergelijkbare doelstellingen als genoemde kunstenaars en ontwerpers. In het werk Langs de Waal tonen ze steeds twee kleurenfoto’s van dezelfde plant, geplukt binnen en buiten de dijk. De plek waar de plant groeide levert behoorlijke kleurverschillen op. Langs de rivier de Tamaki in Nieuw-Zeeland, waar Svenson vandaan komt, maakten ze foto’s van bladeren van de mangroves om te zien of de vervuiling van de rivier tot veranderingen in kleur leidt. Of de kleur feller of zwakker wordt van de vervuiling wordt helaas niet duidelijk.

Het rood van mijn exemplaar van de Armeense klaproos is roze. Kennelijk is het fotografische proces dat Svenson en Hop bedachten er niet op uit de felheid van kleur vast te houden. Op Residue Amsterdam is de hele stad gedempter dan in het echt; het geel van paardenbloemen en koolzaad is niet overweldigend meer. Amsterdam levert vooral aardetinten op.

Mijn rechthoekje klaprooskleur is aan de randen wat donkerder, alsof de pigmenten zich daar beter aan de filmrol hebben gehecht. Het vlak heeft nog het meest weg van een blosje. Schuw roze, dat is wat er van het rood en het zwart van deze klaproos uit 2015 is overgebleven. Toch is het intiemer dan een gewone foto van een klaproos, zelfs als die op de Gooiseweg genomen zou zijn. Het is een soort tegengif voor alle afbeeldingen die ik van klaprozen gezien heb. De plant krijgt dankzij Hop en Svenson iets van een aura terug. De klaproos uit 2015 bloeit niet meer. Maar hij bloost nog wel.

Arja Hop en Peter Svenson: Florachromes. Een verhaal van vier rivieren. Huis Marseille, Amsterdam. T/m 7 maart. huismarseille.nl. Op 1 februari geven Hop en Svenson een workshop in het maken van een fotogram.

Football news:

Haji nam ontslag als Viitorul ' s coach
Door Ronaldo ' s wedstrijd hield ik van football
Sanchez verbreekt zijn contract met Manchester United en vertrekt gratis voor Inter. Het ontvangt 7 miljoen euro per jaar
Lautaro Martinez: we zullen alles blijven doen wat mogelijk is voor Inter
Albert Ferrer: Barca moet onafhankelijk worden van Messi. Anderen moeten meer spelen
Conte over geruchten over Juve: Ik zal degene die dit schreef aanklagen, evenals de hoofdredacteur van deze krant
Aubameyang over de mislukking van de FA Cup: zo doen we dat