De oorschelp is een vreemde flap aan ons hoofd. Maar zonder dat ding zou je gehoor een stuk minder goed functioneren.

Weet jij je eigen organen te vinden? Doe de test van Quest!

Mensen staan niet bekend om een exceptioneel gehoor. Maar er is één aspect dat we als geen ander beheersen: richtinghoren. We kunnen de herkomst van een geluid tot op een paar graden nauwkeurig bepalen. "Het kan qua nauwkeurigheid niet veel beter dan wat wij doen", vertelt neuropsycholoog Martijn Agterberg van de Radboud Universiteit.

We horen niet alleen of geluid van links of rechts komt, maar ook van beneden of boven. En daarvoor zijn die verfrommelde stukken kraakbeen met huid erg belangrijk.

Tijdsverschil verraadt de richting

Om de richting van geluiden te bepalen hebben we twee oren. "Geluid komt eerder aan bij het ene oor dan bij het andere", vertelt Agterberg. "Door dat minieme tijdsverschil bij de ontvangst van het signaal kan ik mentaal verwerken waar het vandaan komt."

"Ook mensen met één werkzaam oor kunnen leren horen waar het geluid vandaan komt", zegt Agterberg. Geluid dat van de kant van het werkzame oor vandaan komt, komt namelijk ongehinderd binnen. Komt het van de andere kant, dan moet het je hoofd passeren. "Het hoofd filtert hogere frequenties eruit." Je brein herkent dat en weet uit welke richting het geluid komt.

'Hoge' en 'lage' tonen

Maar er is één ding dat ook met twee werkende binnenoren niet zal lukken: horen van welke hoogte een geluid komt. Als geluid recht van voren komt, zal het gelijktijdig aankomen in beide oren, of het nou van beneden of van boven komt. Om het toch te kunnen plaatsen is een ander kunstje nodig, en dat vereist oorschelpen.

Je oorschelpen werken als een klankkast: ze weerkaatsen geluid in de richting van je gehoorgang. Door de kronkels in je oren gebeurt dat niet altijd hetzelfde. Hoe precies, hangt maar net af van de hoek waaruit het geluid komt.

De richels en bobbels van de schelp hebben steeds een iets ander effect, waarbij hogere tonen anders weerkaatsen dan lagere tonen. Dat ze het geluid vervormen lijkt onhandig. Maar dat is juist de truc, legt Agterberg uit. "Als geluid van de andere kant komt, zijn de reflecties anders." Je brein kan uit de vervormingen afleiden van welke hoogte het geluid kwam.

Waarom opa grote oren heeft

Om de hoogte te kunnen lokaliseren, moet het geluid wel uit meerdere toonhoogtes bestaan. Bij een monotoon geluid lukt dat niet. En daar lopen oudere mensen tegen een moeilijkheid aan. Zij horen hoge tonen minder goed, waardoor hun oren minder toonbereik hebben. Dat bereik is juist nodig om de hoogte van geluiden te plaatsen.

Gelukkig staat daar een andere verandering tegenover, realiseerde Agterberg zich in 2013. "Ik zat tv te kijken en ik dacht: jeetje, wat heeft die ouwe kerel grote oren. Zo begon het." Doordat onze oren blijven groeien, hebben ouderen grotere oren dan kinderen. En dat komt van pas, bleek uit het onderzoek dat Agterberg vervolgens opzette.

Die enorme schelpen compenseren het wegvallen van de hoge tonen deels. Het grote oppervlak weerkaatst de lagere tonen namelijk goed. "Doordat ouderen grotere oren hebben, kunnen zij richting bepalen bij geluiden met relatief lage frequenties, terwijl jonge kinderen dat niet kunnen." Opa-oren hebben dus een functie, al compenseren ze het algehele gehoorverlies niet volledig.

Weet jij je eigen organen te vinden? Doe de test van Quest!