Veel landen hebben hun klimaatdoelen aangescherpt, en de ontwikkeling van duurzame technologie zit in een stroomversnelling. De grootste rampscenario's voor de opwarming van de aarde verdwijnen daarmee langzaam van tafel, maar de klimaatdoelen van Parijs worden met dit beleid nog niet gehaald, zegt klimaatexpert Detlef van Vuuren tegen NU.nl. "De opwarming kan nog oplopen tot 4 graden."

Om de ergste gevolgen van klimaatverandering te voorkomen, spraken wereldleiders in 2015 in Parijs af dat de opwarming "ruim onder" 2 graden moet blijven, en liever onder de 1,5.

De wereld is inmiddels 1,1 graden warmer geworden. Veel gevolgen daarvan, zoals verwoestijning, biodiversiteitsverlies en zeespiegelstijging, zijn pas later merkbaar. Zo kruipt de temperatuur omhoog, maar is het ook nog stilte voor de storm.

"Voor 1,5 graad dringt de tijd", zegt Van Vuuren, onderzoeker van het Planbureau voor de Leefomgeving en professor aan de Universiteit Utrecht. "De wereld kan nog ongeveer 400 miljard ton CO2 uitstoten, voor we voorbij die grens gaan. Als we de huidige uitstoot zouden doorzetten, hebben we dat er in negen jaar doorheen."

Het huidige beleid in de wereld is volgens Van Vuuren dan ook nog lang niet in lijn met het Parijsakkoord. "Met name vanwege de grilligheid in de politiek kan het nog vele kanten op. De huidige trend komt ergens uit tussen de 2,5 en 4 graden opwarming."

Grote economieën willen rond 2050 CO2-neutraal zijn

Dat vooruitzicht was een paar jaar geleden nog slechter. De aandacht voor klimaatverandering komt in golven, en zo zijn er ook tegengolven. De laatste tegengolf was de verkiezing van Donald Trump, die fossiele energiebedrijven vrij spel gaf en de Verenigde Staten terugtrok uit het Parijsakkoord, een forse klap voor de klimaatonderhandelingen.

Inmiddels beweegt de wereld weer in de andere richting. Belangrijk keerpunt was de totstandkoming van de Europese Green Deal, eind 2019. Sindsdien hebben tal van landen hun klimaatdoelen aangescherpt: van China, Japan en Zuid-Korea, tot Canada, Zuid-Afrika en Nieuw-Zeeland - en uiteindelijk ook de VS, nu onder Joe Biden. De grote teneur: ergens rond het midden van de eeuw willen de grote economieën 'CO2-neutraal' zijn.

Van Vuuren, die in een recente internationale lijst van duizend meest geciteerde klimaatonderzoekers op de vierde plaats staat, is een autoriteit in het bepalen van de effecten van zulke klimaatdoelen. Zo publiceerde hij onlangs in Science een doorrekening van het nieuwe Chinese klimaatdoel.

Wereld toenemend afhankelijk van 'negatieve uitstoot' ná 2050

De nieuwe klimaatdoelen in de wereld houden een deur open om de opwarming nog onder de 1,5 graden te houden, concludeert Van Vuuren, maar met een adder onder het gras: we lenen van de toekomst. In de komende dertig jaar stoten we eigenlijk te veel CO2 uit. Dat moeten we na 2050 compenseren, door dan méér CO2 uit de atmosfeer weg te halen dan we uitstoten. De mensheid moet dan dus een 'negatieve uitstoot' hebben.

Probleem is dat het heel onzeker is of zo'n negatieve uitstoot in de praktijk mogelijk zal zijn: van bosaanplant tot biomassacentrales met ondergrondse CO2-opslag, alle opties hebben grote beperkingen.

Het alternatief is dat we de uitstoot nu veel sneller verlagen, legt Van Vuuren uit. "Voor 1,5 graden hebben we nog grofweg negen jaar aan huidige CO2-uitstoot. Als je die uitstoot vanaf vandaag in een rechte lijn naar beneden trekt, zouden we dus over achttien jaar op 0 moeten zitten - mondiaal."

Als we de opwarming "ruim onder 2 graden" willen houden, zou dat punt volgens Van Vuuren rond 2050 bereikt moeten zijn. "Er is dus nog een enorme omslag nodig in ons energiesysteem, mobiliteit, de gebouwde omgeving, landgebruik en industrie. En dat betekent dat er een visie nodig is, hoe we dat gaan realiseren."

Toch ziet Van Vuuren ook een belangrijke reden voor optimisme. Misschien wel de grootste ontwikkeling van dit moment is dat we langzaam lijken los te breken van het echte rampscenario, een scenario waarin we niets doen, de mondiale CO2-uitstoot elk jaar ongeremd blijft stijgen en de opwarming deze eeuw kan oplopen tot een onleefbare 6 graden.

Maar of de wereldwijde inspanningen ook genoeg zijn om onder de 'veilige' grens van 1,5 graden te blijven, is vooralsnog een heel ander verhaal. En uiterst onzeker.